Nederlandse stoomlocomotieven
Aanduiding en nummering van Nederlands stoomlocs
De locomotieven kregen aanduidingen bestaande uit één of meer letters, die hun functie weerspiegelden: P stond voor personentreinlocomotief, G voor goederentreinlocomotief, L voor lokaaltreinlocomotief en R voor rangeerlocomotief.
Bij tenderlocomotieven werd de letter T toegevoegd, terwijl locomotieven met een oververhitter de aanduiding O kregen. Daarnaast gaf een cijfer de vermogensklasse van de locomotief aan. Zo stond PTO 2 bijvoorbeeld voor een personentreinlocomotief met tender en oververhitter in vermogensklasse 2.
In 1921 werd een nieuw nummersysteem ingevoerd waarbij alle stoomlocomotieven een viercijferig nummer kregen toegewezen. Voor enkele zeer oude locomotieven werd echter een driecijferig nummer gebruikt. Tijdens de nacht van 30 november op 1 december 1921 werden de nieuwe nummers op de locomotieven geschilderd, terwijl het oude nummer daaronder werd doorgestreept. De oude nummerplaten werden onmiddellijk verwijderd. De nieuwe nummerplaten werden pas bevestigd wanneer de locomotief naar de werkplaats ging. (Zie ook: Op de Rails 1953, blz. 93.)
- Serie 500: Stoomlocomotieven voor personentreinen met tender en één drijfas.
- Serie 600-2100: Stoomlocomotieven voor personentreinen met tender en twee drijfassen.
- Serie 2700-3400: Stoomlocomotieven voor goederentreinen met tender en drie drijfassen.
- Serie 3500-4000: Stoomlocomotieven voor personentreinen met tender en drie drijfassen.
- Serie 4100-4900: Stoomlocomotieven voor goederentreinen met tender en vier drijfassen. Na 1945 werden deze locomotieven ook wel aangeduid als Serie 5000.
- Serie 6200-6400: Stoomlocomotieven voor goederentreinen met tender.
- Serie 6500-7900: Stoomlocomotieven voor lokaaltreinen.
- Serie 8000-9900: Rangeerlocomotieven. Let op: Serie 9500 betrof een locomotief voor goederentreinen.
Locomotieven met nummers onder de 500 waren gereserveerd voor locomotoren en vergelijkbare voertuigen. In sommige gevallen zijn serienummers meerdere keren hergebruikt. Om dit in documentatie (maar niet op de locomotieven zelf) te verduidelijken, werden Romeinse cijfers toegevoegd, zoals 1300.I en 1300.II.
Bijnamen van de Nederlandse stoomlocomotieven
NRS 1-36
NRS 31-36; 81-95
NRS 37-42
NRS 43-48
NRS 49
NRS 71-77
HSM 225-228
SS 206-211; 92-94
NS 61-75
NS 501
NS 801-826
NS 1001-1029
NS 1101-1127
NS 1301-1479
NS 1601-1659
NS 1701-1835
NS 2001-2005
NS 2101-2135
NS 2901-2946
NS 3401-3415
NS 3501-3508
NS 3601-3608
NS 3701-3820
NS 3800-3805
NS 3901-3920
NS 4301-4537
NS 4601-4620
NS 4701-4735
NS 5001-5103
NS 6001-6026
NS 6301-6317
NS 6601-6603
NS 6701-6741
NS 7301-7302
NS 7401-7404
NS 7601-7604
NS 7701-7744
NS 8101-8130
NS 8201-8232
NS 8501-8515
NS 8601-8612
NS 8701-8740
Gewone Engelsen; Christientjes
Groote Snellopers
Kleine Snellopers; Tankmachines
Henschelsen
Goederenmachine (HSM 300)
Tankmachines
Doodkisten
Bergkruipers
Hoki Poki (tramlocs ex-NTM)
Kleine Engelsman
Achteneenhalvers
Tienders
Snellopers
Grote Groenen; Armen en Benen
Rhijnbogen; Bogen
Hartjes; Overkokers; Bogies; Kleine Jumbo
Mailtreinlocomotieven
Blikken Tinus; Kamelen; Dromedaris
Driemasters
Wilde Varkens
Grote Blauwen; Blauwe Brabanders (ex NMBS)
Zeppelins (ex NCS)
Jumbo
Potvis (gestroomlijnde locs)
Grote Jumbo
Dakota; Kleine Jeep
Ganzen; Schommelbakken
Kerstboom
Grote Jeep
Bokken
Beulen
Hippels; Schuurtjes
Ezels; Priktollen; Fornuizen; Ledikanten
Hengsten
Zwartkopjes
Haarlem-Zandvoorters
Haarlemmermeertjes
Kikkers
Paddestoelen; Platluizen
Weesperpoortje
Turken
Bakkies* (Bijnaam ook gebruikt voor andere kleine rangeerlocs)
Geraadpleegde bron: Nico Spilt - langsderails.nl
Pagina bijgewerkt/gecontroleerd: 26 november 2025
Maak jouw eigen website met JouwWeb